Vereniging Protestants Christelijk Onderwijs, Curaçao, N.A.

Multiage Onderwijs

Dat Funderend Onderwijs leeft, zal menigeen in onderwijsland zeker beamen. Toegegeven, het zal wel een poosje duren, voordat elke leerkracht weet wat nu zijn rol als leerkracht funderend onderwijs precies zal inhouden. Maar door de informatie die scholen in de afgelopen periode hebben gehad, zijn de contouren van het Funderend Onderwijs duidelijk neergezet. Multiage onderwijs is bijvoorbeeld zo’n term die de laatste tijd veel wordt gebezigd, wanneer de inrichting van het Funderend Onderwijs ter sprake komt. Wat is dat, multiage onderwijs?

Verschillende leeftijden.

Gemengde groepen zou een passende Nederlandse vertaling zijn voor deze vorm van onderwijs. Simpelweg gezegd, in een multiage groep zitten leerlingen van verschillende leeftijden bij elkaar. Groepen worden gevormd door kinderen van 4-5-6, 6-7-8, 8-9-10 enzovoorts bij elkaar te groeperen. De combinaties kunnen echter variëren; internationaal geldt dat kinderen van minstens twee leeftijdsgroepen bij elkaar zitten. De kinderen blijven twee tot drie jaar onder de hoede van dezelfde leerkracht in een groep die veel gelijkenis vertoont met een groot gezin. De leerkracht creëert in een multiage groep een leeromgeving die geheel ten dienste staat van het kind. Dit blijkt o.a. uit het feit dat hij of zij in de les altijd rekening zal houden met wat het kind zelf ook interessant vindt. Op deze manier zullen kinderen het leren op school ervaren als iets leuks en opwindend. Zo’n omgeving bevordert saamhorigheid, maar houdt tegelijkertijd rekening met verscheidenheid; zo’n sfeer bevordert succes door middel van onderwijs dat geheel afgestemd is op de ontwikkeling van de kinderen. Kinderen voelen in zo’n setting niet de behoefte met elkaar te concurreren, integendeel, in een multiage groep kunnen kinderen die veiligheid vinden om een positief zelfbeeld te creëren dat de basis zal vormen voor "lifelong success".

Niet helemaal nieuw.

Onderwijs aan gemengde groepen is niet nieuw bij ons. Kleuterleidsters van menig kleuterschool in de Antillen zijn gewend om kleutergroepen van kinderen die in leeftijd variëren van 4, 5 en 6 gedurende minstens twee jaar te begeleiden. Bij het Funderend Onderwijs wordt deze praktijk nu in alle "kleuterscholen" geïntroduceerd en vervolgens doorgetrokken naar de oude eerste en tweede klas. En dan is de eerste cyclus compleet, waarin kinderen niet meer geconfronteerd worden met twee werelden die hemelsbreed van elkaar verschillen.

Eigen ontwikkelingstempo.

In een multiage groep zijn werkvormen en aanpak gericht op de individuele behoeftes van de leerling. Vandaar het veelvuldig gebruik van leercentra waar leerlingen individueel of in kleine groepen de kans krijgen leerervaringen op te doen. In het traditionele systeem heeft elke leerkracht een strikt jaarprogramma dat voor ieder kind geldt. In veel gevallen zullen er kinderen zijn die erin slagen dit programma te halen, terwijl er anderen zijn die het niet zullen halen. Maar kinderen ontwikkelen zich over het algemeen verschillend van elkaar en leren ook op verschillende manieren. Het goede nu van multiage onderwijs is dat kinderen de kans krijgen om in hun eigen ontwikkelingstempo te leren. Er zijn dus – met andere woorden – heel veel jaarprogramma’s. Omdat het leren sterk geïndividualiseerd is, verschuift de gewoonte om kinderen te groeperen, te classificeren en te organiseren ook naar de achtergrond. In zo’n omgeving is het niet meer nodig om kinderen te laten doubleren of ze klaar te stomen voor de volgende klas.

Toetsing.

De focus is gericht op succes. Zicht op vorderingen van de leerlingen wordt niet verkregen door te toetsen wat een kind niet weet, maar door juist te kijken naar wat het weet. Om het kennen en kunnen van leerlingen te toetsen, zal een multiage-leerkracht meer gebruik maken van authentieke toetsingsvormen die vooral het proces meten, zoals leerlingenmappen en observatie.

Spontaan.

Binnen een multiage klas zal de leerkracht leerlingen veelal flexibel en heterogeen groeperen. Kinderen zullen voortdurend met verschillende "peers" samenwerken. Niveaugroepen worden slechts op basis van specifieke lesdoelen gevormd. Op deze manier leren kinderen om elkaar te helpen. Dit is niet een vereiste, maar het zal spontaan gebeuren. Kinderen leren van elkaar; oudere kinderen leren om te gaan met jongere en omgekeerd hetgeen zeer bevorderlijk is voor de ontwikkeling van sociale vaardigheden.

De ervaringen in andere landen laten zien dat principes zoals veiligheid, gemeenschapszin en ononderbroken ontwikkeling kinderen in staat stellen om het positieve in zich te zien. Ze zien dan pas goed hoe succesvol ze kunnen zijn en worden op deze manier versterkt in eigen kunnen.

(Uit: MP-VIEW, nummer 5, mei 2002 een uitgave van Maneho di Proseso di Inovashon di Enseñansa (MPIE))

[ Funderend Ond. ]
Created with ThunderSite